Hoe de meetstaat en het lastenboek uit BIM halen?

Wanneer een model een detailniveau LOD300 bereikt, is het over het algemeen mogelijk om hieruit een behoorlijk accurate meetstaat af te leiden. Bij het lastenboek en de meetstaat is het - afhankelijk van de toepassing - soms een beetje zoeken welke codering de meest geschikte is. Architecten zijn het meest vertrouwd met de klassieke codering van VMSW. Ingenieurs technieken gebruiken traditioneel ook vaak de SfB-codering.

Deze laatste is echter niet ideaal in een BIM-context, aangezien deze eigenlijk een elementenmethode bevat. Maar in BIM kan een element vaak meerdere toepassingen hebben, wat het gebruik van die codering dan weer bemoeilijkt. Idealiter komt er in de toekomst een (internationale) basiscodering die voor alle disciplines gemakkelijk te implementeren valt. Bij sommige projecten wordt dan weer een codering of Work Breakdown Structure (WBS) opgelegd door de opdrachtgever. Het vereist dus goede afspraken om er voor te zorgen dat de elementen in een BIM-model de nodige classificatie en codering, zoals gewenst in het project, mee krijgen.


Meetstaat uit BIM-model afleiden

Bepaalde software laat reeds toe het bestek en de meetstaat rechtstreeks uit het BIM-model af te leiden. Via een add-in kunnen dan de ruwe data uit de modelleersoftware gehaald, automatisch gesorteerd en in een spreadsheet ingevoegd worden. Het is vrij eenvoudig om een hoeveelhedenstaat uit het model te extraheren. Deze is natuurlijk wel onderhevig aan de verschillende fouten die mogelijk nog in het model kunnen zitten: niet getekende onderdelen, fouten in de tekensystematiek, onjuiste interpretatie, enzovoort. Het is met andere woorden nog altijd aan te raden om hier en daar kruiscontroles door te voeren.

Toch is het halen van de meetstaat uit BIM vaak gemakkelijker en accurater in vergelijking met de traditionele manier van werken. Via een tabel of menu wordt de meetstaat soms rechtstreeks automatisch gekoppeld aan de bekende codering van het bestek. Eén strategie bestaat er dus in om "kale" tabellen uit het BIM-model te exporteren en die dan verder te verwerken in een meetstaatsysteem of een lastenboeksysteem. Andere software kan dit met een rechtstreekse koppeling, waardoor er geen data verloren gaan.

In sommige gevallen wordt er echter nog gebruik gemaakt van een soort tussenmodel dat de rechtstreekse koppeling tussen BIM en de meetstaat in een spreadsheet mogelijk maakt. Wat regelmatig gebeurt, is dat ontwerpers eerst het bestek uit dat tussenmodel halen en van daaruit een samenvattende meetstaat genereren. Deze is dan niet rechtstreeks meer gelinkt met het BIM-model en moet nog gekopieerd worden naar de spreadsheet.


Tijdswinst

Ondertussen blijkt deze werkmethodiek, met alle voorbereidingen én meetstaattabellen in het BIM-model zelf, ontzettend efficiënt te werken en wordt hier ontzettend veel tijd mee gewonnen. De methode om vanuit een BIM-model tabellen te halen en te verwerken in een spreadsheet is echter slechts één mogelijkheid, maar er zijn ook aparte bestek- en meetstaatsystemen, waarin bijvoorbeeld gewerkt wordt met een algemene artikeldatabank, van waaruit dan eventueel een tekstbestand of PDF-document kan geëxporteerd worden. Anderen opteren dan weer voor een meer beschrijvende meetstaat, waarin veel artikeltekst in een hybride lastenboek en meetstaat opgenomen wordt.

Vroeger kon een tekenaar of architect gemakkelijk enkele weken bezig zijn om met een latje alle verschillende elementen op te meten. Nu kan bij wijze van spreken met een simpele druk op de knop de volledige meetstaat gegenereerd worden. Dit is en blijft een van de grote voordelen van BIM voor de ontwerper. Meer nog: na ontwerpwijzigingen is het binnen de BIM-methodiek veel efficiënter om de meetstaat en het lastenboek bij te werken, zonder veel verwerking van de gebruiker. Hier is zonder meer een grote tijdswinst te boeken.


Kruiscontroles nodig

Om de consistentie en de correctheid van de meetstaat te controleren is het belangrijk enkele kruiscontroles uit te voeren. Ook al is het echte (digitale) meten veel accurater dan wanneer het met de hand zou gebeuren, toch zijn menselijke en softwarefouten niet uitgesloten. Soms kan het zijn dat de software eens hernieuwd moet worden of dat een bepaalde instelling moet worden aangepast, af en toe ligt ook een menselijke fout aan de basis. Het blijft in ieder geval belangrijk om steeds controles uit te voeren, zeker bij volledig geautomatiseerde systemen. Bovendien wordt niet altijd alles gemodelleerd in BIM. Deze zaken moeten nadien dan nog worden toegevoegd aan wat wel in BIM is gemodelleerd.

  Terug naar FAQ

Partners